Categorieën
Blog

Sterker terugkomen van een blessure, hoe dan?

Je hoort het vaak uit de mond van een geblesseerde sporter: “Ik kom sterker terug!” Of de sporter zegt na terugkomst van een blessure er beter voor te staan dan voor de blessure. Het voelt vaak als een cliché, beter worden van een blessure. Een sporter heeft toch liever helemaal geen blessure? Maar zit er in dit cliché een kern van waarheid? Bij mij deze winter wel!

Ik ben nog nooit een sporter tegengekomen die aan het einde van een lange carrière kon zeggen dat hij of zij geen enkele tegenslag in zijn of haar carrière had gehad. Tegenslag hoort bij topsport, of breder genomen, tegenslag hoort bij het leven. Maar hoort tegenslag er alleen bij als iets wat onvermijdelijk is en waar je mee moet leren leven? Of speelt tegenslag ook nog een andere rol? 

Kevin Strootman verwacht dat hij sterker zal terugkomen van zijn ernstige knieblessure. De Ridderkerker scheurde zondag de voorste kruisband in zijn linkerknie af en mist daardoor komende zomer het WK in Brazilië.

Vorig seizoen was mijn ‘comeback-season’. Na twee enkeloperaties en een uitstapje in de advocatuur begon ik in oktober 2017 weer als fulltime atleet. In mijn eerste seizoen haalde ik de EK finale en werd daar 8e. Een goed eerste seizoen dus. Voortbouwend op dat goede eerste seizoen verliep de voorbereiding op het indoorseizoen van dit jaar vrijwel vlekkeloos. Ik kon alle trainingen doen en voelde me goed. Wat kon ik mij nog meer wensen? 

Maar in succes schuilt soms gevaar. Gedurende de voorbereiding op het nieuwe seizoen waren er een aantal dingen die me niet bevielen. Zo was ik niet helemaal tevreden met de medische begeleiding zoals ik die op dat moment georganiseerd had. Daarnaast was ik er in Berlijn op gewezen door een fysiotherapeut van de bond dat mijn linker been, de kant waar ik mee afzet en de kant waaraan ik twee enkeloperaties gehad heb, nog wat zwakker was dan rechts. Hoewel we hier wel extra aandacht aan besteden, twijfelde ik of we wel genoeg deden. 

Maar, zoals het spreekwoord luidt, never change a winning team. Het ging toch goed? Ik kon toch alle trainingen doen en de trainingen liepen toch goed? En vorig seizoen was toch ook goed? De twijfel was gewoon een vorm van onzekerheid, dacht ik. Recht zo die gaat! Toen ik een week voor mijn eerste wedstrijd een klein pijntje in mijn heup kreeg was dat nog steeds geen reden tot zorgen. Pijntjes horen erbij. Het pijntje werd behandeld, was bijna weg op de dag van de wedstrijd en ik kon gewoon springen. 

Ik sprong de wedstrijd, won de wedstrijd, haalde 2,22m, maar blesseerde ook mijn hiel in de pogingen op 2,26m. In de weken daarna probeerden we het indoorseizoen nog te redden, maar we deden te snel te veel en ik moest mijn indoorseizoen afbreken. Een flinke tegenvaller. 

Toen ik twee weken voor het NK bij dezelfde fysiotherapeut als die in Berlijn (Peter Eemers) aanklopte, omdat ik het gevoel had dat onze aanpak niet werkte, kreeg ik daar een dubbele bevestiging. Ja, we deden teveel, de hiel was nog verre van genezen en nee, het probleem van mijn linkerbeen dat hij in Berlijn geconstateerd had was nog niet veel beter geworden. 

Op het moment dat ik de beslissing nam om mijn indoorseizoen af te breken wist ik dat ik een aantal dingen die niet goed gingen te lang had laten liggen, onder het mom van “het gaat toch goed?”. Tot het moment dat het niet meer goed ging, ik geblesseerd raakte en met mijn neus op de feiten gedrukt werd. 

Na die beslissing stapte ik dan ook gelijk in mijn auto naar Zoetermeer, om te gaan revalideren bij Marlies Larsen, de fysiotherapeute/hoogspringstrainer bij wie ik ook mijn andere revalidaties gedaan heb. Daarnaast ben ik gaan nadenken over hoe ik mijn medische begeleiding dan zo in kan richten dat het me wel bevalt. Als laatste heb ik mijzelf de vraag gesteld: wat zijn dingen die ik nu ik geblesseerd ben kan aanpakken en waardoor ik als ik weer fit ben er daadwerkelijk beter voorsta dan voor ik geblesseerd raakte?

Ik heb een aantal dingen veranderd. Inmiddels ben ik elke maandagochtend in Nijmegen te vinden bij Peter Eemers, de fysiotherapeut die mij in Berlijn ook hielp. Samen met Marlies, Peter en mijn coach heb ik een plan gemaakt om mijn linkerkant sterker te maken. Daarnaast kwam ik op een aantal dingen die niks met mijn blessure te maken hadden, zoals het maken van een al veel te lang uitgestelde afspraak bij de tandarts, maar waar ik nu wél tijd voor had. 

En hoewel ik niet kan zeggen dat ik blij ben dat ik geblesseerd geraakt ben in de winter, weet ik wel dat ik er nu beter voorsta dan voor mijn blessure. Ik weet niet wat er gebeurd was als ik niet geblesseerd was geraakt, maar ik heb de tegenslag wel gebruikt om een aantal dingen te veranderen en ben zo sterker uit mijn blessure gekomen. 

Of je tegenslag nodig hebt weet ik niet, maar ik weet wel dat dit niet de eerste keer is dat ik tegenslag gebruikt heb als omslagpunt. In 2015 was de tegenslag van uitgeschakeld worden in de kwalificaties van de Universiade voor mij het moment waarop ik besefte dat ik naar Leverkusen moest verhuizen wilde ik écht hoog gaan springen. 

Het lijkt me geen goed idee om op zoek naar tegenslag te gaan, maar mocht je tegen een beetje tegenslag aanlopen, ga dan niet bij de pakken neer zitten. Het hoort erbij. Sterker nog, je kunt het zelfs in je voordeel gebruiken. Never waste a good crisis, zeggen ze dan. Gebruik het als keerpunt om de dingen die je beter kunt doen beter te gaan doen. Dan is de tegenslag toch nog ergens goed voor geweest en kom je er echt sterker uit.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *